2 augustus 2002, Pharmaceutisch Weekblad, Jaargang 137 Nr 31
Het afgelopen jaar hebben de openbare apotheken in ons land voor 2,8
miljard aan geneesmiddelen verstrekt. Van dit bedrag nemen de tien leveranciers
met de hoogste omzet ruim de helft voor hun rekening (figuur 1). Met een
omzetaandeel van 66% komt het grootste gedeelte op het conto van de leveranciers
van specialités (door de fabrikant ontwikkelde merkgeneesmiddelen waarop een
octrooi rust of rustte). Hierbij gaat het vrijwel uitsluitend om multinationals
die wereldwijd opereren. Inclusief de geneesmiddelen die via de parallelle
importkanalen ons land bereiken, loopt het omzetaandeel van deze producenten
zelfs op tot 80%.
Het gebruik van goedkopere, generieke geneesmiddelen zit de afgelopen jaren
behoorlijk in de lift. Van alle verstrekte geneesmiddelen betreft inmiddels 42%
een merkloze variant. Uitgedrukt in geld blijft het marktaandeel van generiek
beperkt tot 17%.
De totale geneesmiddelenomzet steeg in 2001 met 11% ten opzichte van het
voorafgaande jaar.
Het Zweeds-Britse AstraZeneca geldt al enige jaren als de geneesmiddelenproducent met de hoogste geneesmiddelenomzet in ons land. In 2001 zette AstraZeneca via de openbare apotheken 343 miljoen om. Dit betreft een toename van ruim 9% ten opzichte van het jaar 2000. In het bedrag van 343 miljoen is de parallelimport niet meegenomen. AstraZeneca dankt de koppositie volledig aan de maagzuurremmer omeprazol (Losecฎ) dat in 2001 64% van haar omzet bepaalde. Vanaf dit jaar zal deze omzet onder druk komen te staan, omdat het octrooi op omeprazol afloopt. Bovendien hebben politiek en zorgverzekeraars het beheersen van de prijs en kosten van maagzuurremmers ( 307 miljoen) als één van de topprioriteiten aangemerkt.
De afgelopen jaren waart er een heuse fusiegolf door het farmaceutische bedrijfsleven. Pfizer (gefuseerd met Warner-Lambert) en GlaxoSmithKline (GSK) zijn hierbij exponenten met een jaaromzet van 32 miljard respectievelijk 30 miljard. Pfizer dat zichzelf als de grootste en snelst groeiende farmaceutische onderneming in de wereld betitelt, moest het afgelopen jaar bij de Nederlandse apotheken nog genoegen nemen met een 6de positie met een jaaromzet van 135 miljoen. Hiervan komt 54% voor rekening van de cholesterolverlager atorvastatine (Lipitorฎ). Ten opzichte van het jaar 2000 steeg de omzet van Pfizer met 18%. De omzet van het Brits-Amerikaanse conglomeraat GSK steeg in 2001 met 5% tot 263 miljoen. Bijna de helft van de omzet van GSK in ons land is terug te voeren op middelen die gericht zijn op het ademhalingsstelsel.
Tussen het geweld van de internationale specialitéproducenten hebben zich twee handelsondernemingen genesteld die zich richten op de parallelimport. Beide ondernemingen zijn gelieerd aan een farmaceutische groothandel. Polyfarma (148 miljoen) behoort tot de OPG Groep en Stephar ( 85 miljoen) tot de Interpharm Groep. Na een periode waarin de omzet van parallelimport stagneerde, is er in 2001 sprake geweest van een hernieuwde opleving. Er werd in 2001 16% meer aan parallelgeïmporteerde geneesmiddelen omgezet. PCH Pharmachemie dat zich bezig houdt met het produceren en leveren van generieke geneesmiddelen, maakte in het verleden ook deel uit van de OPG Groep. In 1998 verkocht OPG dit bedrijfsonderdeel aan het Israëlische Teva Pharmaceutical Industries. Met een jaaromzet van 2 miljard is dit een van de grootste generieke leveranciers in de wereld.
Figuur 1: geneesmiddelenomzet via openbare apotheken in 2001* (in miljoenen euro's)
