Praktijkondersteunend Programma Antilipaemica

Kernpunten:
Beschikbaar vanaf: mei 2008
Ontwikkeld door: SFK, DGV, WINap Presentatievorm: kant-en-klare webrapportage
Geschikt voor: FTO en FPZ Benodigde gegevenshistorie: 24 maanden
Groepsfunctionaliteit: aanwezig Abonnement nodig: ja

Het aantal patiënten dat via de apotheek een cholesterolverlagend middel heeft ontvangen, is gestegen van 606.000 personen in 2002 tot 1,3 miljoen personen in 2006. Het toenemend gebruik van cholesterolverlagers heeft de afgelopen jaren geleid tot forse kostentoenames. In 2007 is er € 380 miljoen aan deze middelen uitgegeven. Iemand die eenmaal een cholesterolverlager gebruikt, gaat hiermee doorgaans door gedurende de rest van het leven. Personen met een hart- of vaatziekte of diabetes wordt geadviseerd statines preventief te gebruiken.

Het praktijkondersteunend programma antilipaemica is erop gericht om doelmatig voorschrijven en gebruik van cholesterolverlagende middelen te bevorderen. De vier aandachtsgebieden in het programma (met bijbehorende vragen die door middel van de rapportages kunnen worden beantwoord) zijn:

  1. Geneesmiddelenkeuze/doseringskeuze
    Naar welk antilipaemicum gaat de voorkeur van de huisarts uit? Naar welk antilipaemicum gaat de voorkeur van de huisarts uit bij nieuwe patiënten? Welke dosering van de statines heeft de voorkeur van de huisarts? Welke dosering van de statines heeft de voorkeur van de huisarts bij nieuwe patiënten?
  2. Preventieve medicatie
    Welke comorbiditeit hebben gebruikers van antilipaemica? In welke mate krijgen patiënten met bepaalde comorbiditeit een antilipaemicum?
  3. Therapie in overeenstemming met of in afwijking van standaard
    Hoeveel patiënten krijgen een cholesterolverlagende therapie in overeenstemming met, of in afwijking van de NHG-standaard? Hoe wijken patiënten af van de NHG-standaard?
  4. Therapietrouw
    Welke patiënten zijn niet therapietrouw in het gebruik van hun antilipaemicum?

Nu abonneren

Voorwaarden praktijkondersteunde programma’s:

  1. De apotheker dient een abonnement te nemen op een praktijkprogramma. Voor een overzicht van de abonnementskosten kunt u het prijsoverzicht raadplegen. Indien een abonnement op meer dan één praktijkprogramma wordt afgesloten, worden de kosten van de extra programma's lager. De kosten worden per kalenderjaar door de SFK gefactureerd aan de apotheek.
  2. De apotheker ontvangt een bevestiging van deelname via e-mail.
  3. Voor de meeste praktijkprogramma’s heeft de SFK een aaneengesloten apotheekhistorie van de afgelopen 24 maanden nodig om het programma uit te kunnen voeren. Voor een correcte interpretatie van een aantal tabellen met patiëntgegevens mag er in die periode geen wijziging van intern patiëntnummer hebben plaatsgevonden (o.a. bij overgang naar een ander softwaresysteem). Evenmin mogen in de laatste 12 maanden de versleutelwaarden van de huisartscodes zijn gewijzigd. Indien nodig, kunnen te allen tijde met terugwerkende kracht gegevens aan de SFK aanleveren.
    De exacte apotheekhistorie waarover de SFK moet beschikken, staat vermeld bij de kernpunten per programma.
  4. Rapporten hebben betrekking op een periode van 12 maanden en worden periodiek (4 tot 6 weken na afloop van elk kwartaal) vernieuwd met nieuw aangeleverde cijfers. Als de rapporten worden doorgerekend met nieuwe gegevens, kunt u geen resultaten over eerdere periodes meer bekijken. Als u gegevens wilt bewaren, dan dient u de gewenste rapportresultaten af te drukken en/of op te slaan.
  5. Toegang tot een praktijkprogramma wordt verkregen door middel van de persoonlijke inloggegevens van de apotheker.
  6. Het abonnement op de praktijkprogramma's geldt voor een kalenderjaar en loopt stilzwijgend door. Opzegging van deelname aan de praktijkprogramma's kan op ieder moment - doch uiterlijk vóór 30 november van het betreffende kalenderjaar - door middel van een schriftelijke kennisgeving door de apotheker aan de SFK. Bij opzegging voor het eind van het jaar vindt geen restitutie van abonnementsgeld over het lopende jaar plaats.
  7. Wijzigingen in de abonnementen op de praktijkprogramma’s moeten aan de SFK worden doorgegeven vóór 30 november en worden geëffectueerd met ingang van het nieuwe kalenderjaar. Indien de apotheker wil switchen van onderwerp in de praktijkprogramma’s, kan dit met ingang van het nieuwe kalenderjaar. Wil de apotheker toch tussentijds een ander farmacotherapeutisch onderwerp raadplegen, dan dient een extra programma erbij genomen te worden.
  8. In de praktijkprogramma’s kunnen samenwerkende apothekers een apotheekgroep opzetten met totaalcijfers per huisarts, met uitzondering van het praktijkondersteunende programma polyfarmacie. Het creëren van groepstotalen binnen de praktijkprogramma’s is gratis, ongeacht de grootte van de groep. Wel dienen alle deelnemende apothekers van de groep een individueel abonnement te nemen op het programma waarin men groepscijfers wil zien. Door middel van een groepsovereenkomst zorgt de SFK ervoor dat een apotheekgroep met totaalcijfers per arts wordt opgezet binnen de praktijkprogramma’s.

Vragen en ondersteuning

De praktijkondersteunende programma’s worden voorzien van een uitgebreide inhoudelijke en technische handleiding, die u in staat stelt om het programma zelfstandig uit te voeren. Indien ondersteuning gewenst is, wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen inhoudelijke en technische ondersteuning.

Algemene bedieningshandleiding webrapportages

Bedieningshandleiding praktijkondersteunend programma lipideverlagers

Om bovenstaande bedieningshandleidingen te kunnen openen en lezen is Acrobat Reader vereist. Indien u nog niet beschikt over Acrobat Reader, kunt u de meest recente versie van dit programma downloaden (gratis).

Veelgestelde vragen over het praktijkprogramma

Algemene beschrijving praktijkondersteunende programma's

De praktijkondersteunde programma’s zijn opgesteld ter ondersteuning van apothekers (en huisartsen) bij medicatiebeleid en farmaceutische patiëntenzorg. Deze programma’s leveren kant-en-klare cijfers over een farmacotherapeutisch thema die u direct kunt gebruiken in het FTO en in het kader van FPZ. De programma’s worden ontwikkeld door de SFK in samenwerking met DGV, Nederlands instituut voor verantwoord medicijngebruik, en het Wetenschappelijk Instituut Nederlandse Apothekers (WINAp).

Eenvoudig en snel geneesmiddelspecifieke cijfers beschikbaar

In de praktijkprogramma’s staat telkens één farmacotherapeutisch onderwerp centraal. Het doel van het programma is om op eenvoudige wijze relevante gegevens over dat onderwerp ter beschikking te stellen aan apothekers. Apothekers kunnen daarmee het voorschrijfgedrag van huisartsen analyseren en gebruikers opsporen die bepaalde geneesmiddelen mogelijk niet optimaal toepassen. Een praktijkprogramma bestaat uit meerdere rapportages, die beschikbaar worden gesteld via de SFK-site en maandelijks of op kwartaalbasis worden bijgewerkt met recente apotheekgegevens. De presentatievorm is een webrapportage.

Opzet praktijkprogramma's in modules

De praktijkondersteunde programma’s zijn volgens een vast stramien opgezet en bestaan uit een FTO-deel en een FPZ-deel met de volgende modules: